Koffiewoordenboek

A

Aroma - De kenmerkende geur van koffie. Deze is ook bepalend voor de smaak. 

B

Body - Het mondgevoel van de koffie. Dun en licht of juist stevig en vol. 

C

Cupping - Een proefsessie waarin koffie wordt beoordeeld op vaste kwaliteitscriteria. 

D

Doorlooptijd - De duur van de extractie van koffie, waardoor aroma's vrijkomen. 

E

Espresso - Een kleine hoeveelheid koffie gezet onder hoge druk, gekenmerkt door de intense smaak. 

F

Flat White - Een dubbele ristretto met opgeschuimde melk en een dun laagje melkschuim. 

G

Groene bonen - Het volgroeide zaadje van de koffiebes ofwel ongeroosterde koffieboon.

H

Hoornschil - Een papierachtige laag die de koffieboon beschermt en de boon scheidt van de fruitlaag. 

I

Irish Coffee - Koffie met bruine suiker, Ierse whiskey en afgetopt met geklopte volle room. 

J

Jemen - Belangrijkste republiek in koffiehandel van de 15e tot en met de 17e eeuw.